Vertellen en doorgeven

“Voor het slapen gaan kijkt de kleine nog graag een filmpje.” “Dan moet ik wel eerst weten hoe de recorder werkt”, reageerde mijn tante, die die avond oppastante was. “Niet nodig, dat weet Fabienne zelf wel!” En inderdaad; hoe klein ook, zij kon het apparaat bedienen. Fabienne had een leeftijd tussen dreumes en peuter in. Technische zaken pikt een nieuwe generatie automatisch op. Hoe klein ook.  Geef een tiener een smartphone en hij haalt er veel meer uit dan een volwassene. In de techniek bouwen we automatisch op onze voorgangers. We hoeven het wiel niet opnieuw uit te vinden.

Anders is dat bij morele waarden, bij ons geloof, of bij een taal of dialect. Dan moet iedere generatie het zich zelf helemaal eigen maken. Geven we morele waarden niet door, dan gaat er iets verloren. En ook als we ze proberen door te geven, is dit nog geen garantie dat deze beklijven. Volwassenen hebben een taak om het geloof en algemeen menselijke waarden zo voor te leven en aan te reiken dat de jeugd deze echt kan ontdekken. 

Dit is een van de betekenissen van 75 jaar bevrijding herdenken. Wij waarderen onze vrijheid en de vrede. Mensen die voor de vrijheid en de vrede hebben gestreden willen we niet vergeten en tegelijk willen wij het belang van deze waarden doorgeven. Het is een terugkijken met de bedoeling om beter vooruit te komen. Zoals we een achteruitkijkspiegel gebruiken om ongelukken te voorkomen en beter vooruit te komen. 

Vrijheid en vrede en ook christelijk geloof zijn een te groot goed om niet door te geven. Het zijn geen vanzelfsprekendheden; waard om er voor te gaan. Waard om stil te staan bij wie er voor gestreden hebben en zelfs hun leven ervoor hebben gegeven. We zijn blij dat we in een vrij land leven. Doen we ons best om morele, algemeen menselijke en  christelijke waarden door te geven. Dan bouwen we aan cultuur van hoop, waar mensen niet afgeschreven worden. Een cultuur waar vrede en gerechtigheid samengaan. Dan bewaken we de vrijheid om deze principes hoog te houden.  Dan kunnen ook alle technische apparaten dienen; en weten we niet alleen hoe we die moeten bedienen, maar ook waar we ze wel en waar we ze niet voor gebruiken.  

Deken Wim Miltenburg fso