H. Marculphus,
Belijder en Abt.

De Heilige Marculphus, ook wel Marcoen genoemd werd in het jaar 490 te Baijeux in Normandië geboren, in 522 in Coutances tot priester gewijd en trok rond als missionaris. Na het overlijden van zijn ouders werd hij op 19-jarige leeftijd onder voogdij gesteld en bezat als erfgenaam een overvloed aan rijkdommen. Door zijn godsvruchtig leven was hij een toonbeeld voor anderen door gebed, nederigheid en gehoorzaamheid.

Marcoen leefde in grote soberheid, gaf milde aalmoezen en stelde God boven alles en leidde een zeer Christelijk leven.
Zoals in de analen werd beschreven was hij klein van gestalte, begaafd met een diepzinnig verstand en toonde hij ‘eene groote ziel’.

Zijn gelaat was minzaam en zijn houding beleefd en ingetogen. Hij verkondigde het woord Gods en stichtte, met hulp van de merovingische koning Childebert een klooster nabij Nantes. Uit dankbaarheid schonk Marcoen de koning het vermogen om ‘scrofulose’ oftewel ‘koningszeer’, een zwelling in de hals te helen.

God gaf Marcoen de macht vele wonderwerken te verrichten. Hij deed blinden zien, doven horen, stommen spreken, kreupelen gaan en gaf lammen het gebruik van hun ledematen terug.
Op 1 mei 558 overleed hij op 68-jarige leeftijd en werd hij begraven in het klooster te Nauteville in Frankrijk. Na ongeveer 100 jaar werd zijn lichaam opgegraven om het elders een rustplaats te geven, maar omdat het lichaam niet vergaan was en het aangezicht zich nog vertoonde als ‘eene nog levende’ is hij opnieuw terug gelegd in zijn graf en gebeurde er op zijn voorspraak vele wonderen. Uit vrees voor de Noormannen werd in 905 het lichaam naar Corbeij overgebracht dat onder het bewind van koning Karel viel. Deze een groot vereerder en beschermheer van Marcoen had het voorrecht om door aanraking hen te genezen die ongeneeslijke huidziekten hadden en leden aan het ‘Koningszeer’.

Tot in de jaren zestig van de 20ste eeuw kwamen pelgrims van verre. Vooral op 1 mei, de feestdag van Marcoen, was het erg druk in Hunsel.
De zilveren en gouden voto’s getuigen van dank. Graaf Frederici van den Bergh en echtgenote Francisca de Ravenelles uit ’s Heerenberg hebben uit dankbaarheid in de 19de eeuw een kelk geschonken voor genezing van hun zoon Alberto. Deze kelk wordt tot op de dag van vandaag op hoogfeestdagen gebruikt. De gegoten wit metalen reliekhouder in Hunsel heeft de vorm van een monstrans en bevat een stofreliek en/of bot partikel.

Het oorspronkelijke 15e-eeuwse houten Marcoenbeeld, heeft tot het begin van de 20e eeuw in de kerk gestaan. Naar verluidt heeft pastoor Linssen tijdens zijn pastoraat het Marcoenbeeld laten restaureren, maar nam hij, toen hij het beeld ging ophalen, een ander (Rochus) beeld mee terug. Het verhaal gaat dat hij dit heeft gedaan omdat hij het Rochusbeeld 'mooier' vond. Jarenlang is het beeld van de
H. Rochus vereerd als de H. Marcoen. In 1999 had A. Keller, destijds pastoor van Hunsel, het plan om de verering een impuls te geven en heeft een nieuw beeld laten maken door de kunstenares Truus Coumans uit Haelen. De moeder van pastoor Keller heeft het beeld vervolgens geschonken aan de parochie van Hunsel. De H. Marcoen is hier afgebeeld als pelgrim en niet als bisschop, omdat volgens de kunstenares, die zich heeft laten inspireren door af te reizen naar de streek waar Marcoen geleefd en gewerkt heeft, het beeld zijn vorm heeft gekregen door Marcoen`s toedoen en zodoende door zijn handen is vervaardigd.